Home » Teaser – A new destination, part 1

Teaser – A new destination, part 1

Fotograaf: Eric Tuller, Model: Menno als Malik, ontwerper: Layers

Het was 5 dagen geleden dat alle ophef in Ainssia Gisti was geweest. De duisterlingen waren nog steeds in de herberg, en Hiny en Yenna draaiden hun herberg alsof er niets vreemds aan de hand was.
Zo af en toe kwam er iemand van de oppervlakte langs, maar dit waren vaak reizigers die niet op de hoogte waren van de situatie in de herberg. Zo snel als ze aankwamen, gingen ze ook weer weg. De Strijders van Soïtura was al enige tijd niets van vernomen, het schilderij hield zich rustig en er waren geen rare verdwijningen of verschijningen meer geweest van welk wezen dan ook.
De Duisterlingen hadden de omgeving een beetje verkend, maar meer dan grasland en her en der een boom was er niet, dus hielden zij zich bezig met politiek gekonkel; binnen hun eigen groepjes, en met elkaar. Brieven waren geschreven naar Dark Lords in de grotten, en af en toe verscheen er een runner die de brieven uitwisselde en net zo snel weer weg was.
Behalve Silas en zijn Minions, van hen was niets meer vernomen sinds zij in de cirkel van The Burned One waren gestapt.

De donderdag, ongeveer 2800 jaar Na Wenteling, 5 dagen na alle gebeurtenissen was het vandaag. Malik stond naar de lijst waar eens het schilderij in zat te staren. Hij was verzonken in gedachten en daardoor merkte hij het eerst niet. Maar zijn ogen bedrogen hem toch niet? De lijst was zachtjes begonnen met trillen en het werd steeds heftiger. Ook anderen viel het op en ze kwamen erbij staan. Ineens werd de ruimte een paar seconden donker en toen het licht weer terugkeerde stond daar een Wachter.
De chaos brak uit en iedereen verstopte zich zo ver mogelijk bij van het wezen vandaan. Banken, stoelen, tafels, het maakte niet echt uit, als er maar iets tussen hen en de Wachter zat.
Maar bij nadere inspectie zag de Wachter er anders uit. Zijn gezicht was ditmaal zichtbaar. Geen vage schaduw meer in een capuchon, maar daadwerkelijk een gezicht dat heel veel weg had van mens. Behalve dan dat zijn huid zo zwart als de nacht was.
“Vrees mij niet”, sprak de Wachter. “Jullie hebben mij al geholpen, en zoals beloofd kom ik jullie nu helpen.”
“Echt niet, je wilt weer onze magie en levensenergie hebben!” zei Malik, die verscholen zat achter een gekantelde tafel.
“Nee, daar heb ik geen behoefte meer aan. Mijn levensenergie is voor nu afdoende gevuld dankzij jullie. Maar dat zal niet lang stand houden. Ik moet wederom een beroep op jullie doen. Mijn Meesteres is nog steeds gevangen en haar gevangenschap maakt mij zwak. Het maakt haar ook zwak. Bevrijd mijn Meesteres en zij zal jullie bijstaan in het grote conflict dat zal gaan komen. Zij kan jullie helpen deze bovenwereld te veroveren en jullie nodige informatie te geven waar ik geen toegang toe heb.”
“Waarom zouden we dat doen?” vroeg Malik achterdochtig.
“Waarom? Wij zijn gelijkgezinden, mijn oorsprong en jouw oorsprong zijn verbonden, verwant! Mijn belangen en jouw belangen zijn gelijk, en jij vraagt mij waarom? Uiteraard kunnen jullie er ook voor kiezen hier te blijven aanmodderen in deze herberg terwijl de lichte rassen jullie over de kling willen jagen. Het is al sinds het begin der tijden zo geweest dat licht en duister lijnrecht tegenover elkaar staan, waarom zou dat nu ineens anders zijn? Zoals ik al zei komt er een conflict en de licht rassen zijn bezig met het laten ontwaken van grote krachten om hen bij te staan. Ik kan jullie de grote kracht geven om jullie bij te staan” zei de Wachter evenwichtig.
Het hele gezelschap keek de Wachter wazig en vragend aan. Het was van hun gezicht te lezen dat de woorden ‘conflict’ en ‘grote krachten’ begonnen in te zinken.

“Ja, er zal wederom een oorlog komen. Maar dat wisten we al…” zuchtte de Wachter.